Neem direct contact op via 06-51412404 of via better-shape@live.nl

ONTWIKKELING & SOCIALISATIE

Omdat alle pups van pasgeboren tot volwassen hond dezelfde kritieke fasen doorlopen is het voor iedere eigenaar van een hond goed ze te kennen.
Waarom? Omdat een aantal van die fasen mede bepalend zijn voor de ontwikkeling van het gedrag op latere leeftijd:

- Neo-natale fase (0-13 dagen): De meeste tijd wordt slapend (70% van de tijd) en etend (30% van de tijd) doorgebracht. De pups zijn doof en blind, zij kunnen naar de moeder (warmtebron) toe kruipen; urine en ontlasting moet gestimuleerd worden evenals het eten.

- Overgangsfase (13-21 dagen): De pups beginnen met lopen, de melktandjes komen door en oogjes en oortjes gaan open. De pup leert zonder hulp te urineren en te defeceren en begint zijn omgeving te onderzoeken; het leren is begonnen.

- Eerste socialisatie fase (3-12 weken): De ontwikkeling van:
1- sociale gedragspatronen t.o.v. mensen en andere honden.
2- onderzoeksgedrag.
3- zindelijkheid.

- Tweede socialisatiefase of Angstfase (3-6 mnd): In deze fase moeten eerder opgedane ervaringen worden bestendigd om te voorkomen dat de pup desocialiseert en alsnog angstig gedrag gaat vertonen bij onbekende prikkels. Op de leeftijd van ca 15 weken worden rangrelaties in roedel/ gezin duidelijk. 

Het eerste deel van de ontwikkeling van een pup speelt zich af bij de fokker. Uit onderzoek is gebleken, dat pups die reeds in hun vroege jeugd diverse prikkels krijgen aangeboden later beter met spanning en frustratie kunnen omgaan. Met andere woorden: Pups die bij de fokker bijv. in huis opgroeien met de moederhond als rolmodel zodat ze vroeg leren omgaan met volwassenen, kinderen, bezoek, andere huisdieren en omgevingsprikkels als telefoon, bel, enz. kunnen later beter met spanning en frustratie omgaan. Op deze manier kan de pup eigenschappen van voorwerpen, geluiden en levende wezens leren kennen en ze als normaal gaan beschouwen.

In boven genoemde fases hebben bepaalde ervaringen of het juist niet opdoen van bepaalde ervaringen een sterke blijvende invloed op het latere gedrag. Het onvoldoende gesocialiseerd raken kan zich uiten in probleemgedrag als angst- en vermijdingsgedrag maar ook angstagressie, met name met betrekking tot de categorie waarmee de hond onvoldoende in aanraking is geweest. Na de 12e week sluit de eerste socialisatiefase. Een slechte socialisatie is onomkeerbaar. Bij een gebrek aan socialisatie is angst niet op latere leeftijd te elimineren.


Richtlijnen voor een goede socialisatie (3e-12e week)
Laat uw hond (3 tot 5x) kennis maken met:
- Andere mensen (man, vrouw, groot, klein, anders gekleurd, met hoofddeksels, parapluie, rolstoel etc.).
- Andere dieren (konijn, kat, paard, schaap, fret, koe, hert etc.)
- Omgeving (tram, trein, bus, auto, winkelstraat, markt etc.)
- Andere honden: (herkenning van uiterlijke kenmerken van soortgenoten. (oren, staart, vacht, grootte, vorm van kop, tekening etc.)